wat is aanwakkeren? 31/3/2018

Aanwakkeren wat is dat?

 

Aanwakkeren klinkt als aanjagen, ik zou er de zenuwen van kunnen krijgen, ik wil graag begrijpen wat ermee bedoeld is? Aanwakkeren heb ik in de muzische werkplaats opgevat als bij twijfel ‘doen’! Ik heb het opgevat als aanmoediging vooral niet binnen te houden maar vooral te experimenteren met naar buiten brengen. Het gaat niet om willekeurig maar iets naar buiten te brengen, maar houd voor mij in dat waarnemen en opmerken ‘aan’ staat en dat ik tracht te verwoorden, tracht te delen. Waarbij staat de waarneming dan aan? Bij alles dat te maken heeft met inzichten, associaties omtrent ervaringen en het vinden van beelden en woorden. Dit is het gebied van interesse, en fascinatie, in dit geval gekoppeld aan mijn onderzoeksvraag in de beweging van ervaren en beleven naar verwoorden en kunnen delen. Waarnemen houd voor mij dus in dat ik let op wat ik waarneem, maar ook op wat dit in mijn beleving teweeg brengt. Een dubbel spoor dus. En dit ook nog in interactie.

 

Ik tracht de overweging het voor mij te houden, minder belangrijk te maken te smoren en probeer sneller te delen en bij te dragen dan ik twijfelen kan. De normale afweging of het vertrouwd in contact is, verkeerd opgevat kan worden et cetera probeer ik minder te laten opspelen en probeer ik voor te zijn. Dit helpt mij allerlei bewegingen te onderzoeken in de dynamiek van ervaren naar verwoorden in contact en het delen en betekenis krijgen.

 

Nu ik de woorden zo neer heb gezet vraag ik mij af of dit ‘aanwakkeren’ is zoals ik het opvat? Ik denk misschien nog meer ‘ik heb mijzelf gecommitteerd aan te haken en vast te houden’. Ik draag zorg voor voortgang van dit te observeren proces en/of veroorzaak voortgang als dit dreigt stil te vallen. Ik neem verantwoordelijkheid voor deze periode oplettend en aanwezig te zijn en te registreren wat ik waarneem als interessant. Het interesseert mij ook werkelijk. In die zin heb ik het gevoel met jullie een fascinatie te delen. Deze fascinatie laat zich niet altijd uitleggen.

 

Ik realiseer mij dat ik ergens als vanzelfsprekend overheen stap. Ik heb mij op de kunstacademie als beeldend kunstenaar gedurende de scholing een innerlijke vrijheid eigengemaakt. Ik heb geleerd hoe ik vrijheid kan vinden in beeldend werken. Deze vrijheid is radicaal en minder vanzelfsprekend dan ik deze nu ervaar. Mijn vraag die zich in deze context stelt, hoe ben ik in staat ik deze vrijheid, die mij op andere sporen brengt ook anders te gebruiken en in te zetten?

 

Hoe ziet zoiets er nu van buiten uit. Als ik kijk op Musework realiseer ik mij het genereren van kringen en aanwakkeren van maken in verschillende groepen. Wat zie ik als ik daarnaar kijk? Ik zie telkens nieuwe beginnen, ik zie vluchtigheid en krijg de wens tot consolideren. Ik voel een behoefte tot overzichtelijkheid die juist in actieonderzoek vaker afwezig is omdat je er deel van uitmaakt en middenin staat. Misschien is dit mijn wens vanuit onwennigheid en op zoek naar gemoedsrust en geruststelling. Misschien moet het inderdaad eerst groter worden en werkelijk in beweging gebracht. Tenslotte is het aanwakkeren een antwoord op een vorm van stilstaan en ontkennen. Een ontkennen dat gecultiveerd is? Hoe maak je een beweging waar je niet van weet waar die uitkomt? Is mijn angst of iets nog wel te controleren is. Gaat het daar niet juist over?

Gaat het niet om ondanks alles in beweging te brengen? Het is spannend en bij tijden eng.

Maakt het kringen? Zijn het rimpelingen die verstillen of blijven. Of zijn het rimpelingen die kaatsen. Wat maken we hiermee?

 

Een dag later; De laatste woorden kringen en rimpelingen gaan meer over water, aanwakkeren lijkt meer over vuur te gaan en lijken hier meer toepasselijk. Vanwege de structuur van Musework ben ik op zoek naar een plaatje wat bij aanwakkeren kan passen en ga ik op zoek naar beelden van smeulen, ik ga op zoek naar iets van een kleine vonk tot klein vuurtje waarvan niet zeker is dat het brandende blijft. Het kleine vonkje dat smeult en met voorzichtig blazen misschien een vlammetje wordt. Opnieuw helpt het beeld mij verder. De behoedzaamheid dit niet te laten doven. Omstandigheden als regen en wind kunnen dit behoorlijk verstoren. Dit beeld kan ik passen bij wat we individueel aan het doen zijn. Individueel als professionals.

 

Maar is hier sprake van een gezamenlijke beweging? Is hier sprake van iets dat groter wil worden. De suggestie die van het woord aanwakkeren uitgaat is dat het een verterend vuur wordt dat niet meer in toom is. Is het inderdaad de bedoeling dat het groots wordt of kan het ook een kleine in gang-gezette beweging zijn waarover gewaakt wordt dat deze brandende blijft. Het gezamenlijk continuïteit borgen voor een doorgaande beweging waarin wij juist dit zelf kunnen integreren lijkt al een behoorlijk complexe opgave. Is dit al eens gedaan? Ik ben aangehaakt vanuit een intrinsieke drive en niet een rationele overweging. De vraag van het gezamenlijke zet mij aan mij verder te verdiepen in de laatste 3 hoofdstukken van Bart’s boek over de intentie achter deze gezamenlijke beweging. Ik heb mij hier nog nauwelijks in verdiept en toch gaat dit mij aan.

 

Op welke brandstof, welke zuurstof en welke beschutting blijft dit vuur brandende? Op welk verlangen is dit vuur een antwoord?

Reacties